Blog

19 augustus 2018

By August 19, 2018 No Comments

Ik fietste over de Markgravelei. Heel de straat was afgezet om een appartementsblok te verbouwen. Vlak naast die werf is het Blindeninstituut. Een blinde mevrouw probeerde zich een weg te banen door een labyrint van obstakels. ‘Hoe gaat die hier ooit door geraken’ dacht ik. Ze was met haar stok tegen een ULO aan het tikken (Unidentified Lying Object). Ik zette mijn fiets neer en liep achter haar aan. ‘Zal ik u efkes helpen oversteken, mevrouw, want het is hier niet te doen.’¬†Een opgeluchte zucht; ‘ja, graag, want ik weet niet wat dit is’. ‘Ik ook niet’, zei ik lachend. ‘Mag ik uw arm vastnemen?’ ‘Ja zunne, da mag’. En enigszins vertederd stapten we naar de overkant. Ik hou van zo’n mini-omarming. Al was ‘t maar 20 seconden, ik werd er gelukkig van.

‘Oh, merci’ zei ze met een diepe zucht van opluchting. ‘Heel graag gedaan, en nog een prettige dag’ zei ik. Haar zucht blies een licht van oprechte vervulling rond mij, die me nog een uur of twee zachtjes streelde.

Kleine gebaren van grote voldoening.

Leave a Reply